Kwaliteit

Arcor beschikt reeds meerdere jaren over het ESF kwaliteitslabel

Wij voeren een effectief kwaliteitsbeleid in het kader van het Decreet inzake de kwaliteitszorg in de welzijnsvoorzieningen van 29/04/97. Het Kwaliteitsdecreet kadert in een proces van responsabilisering, herregulering en decentralisatie dat in alle sectoren van de gezondheidszorg plaatsvindt.

De dimensies waarop het kwaliteitsbeleid moet gericht zijn hebben betrekking op het verstrekken van dienstverlening met respect voor de menselijke waardigheid, de bejegening, de persoonlijke levenssfeer, de ideologische, filosofische en godsdienstige overtuiging, het klachtenrecht, informatie en inspraak.

Kwaliteit in maatwerkbedrijven

Om een gelijkaardig kwaliteitssysteem te hanteren in beschutte en sociale werkplaatsen werd eind 2006 een eerste project opgestart vanuit de Vlaamse Overheid.

Een nieuw model werd ontwikkeld dat uitgaat van het EFQM-model (European foundation for Quality management) en meer praktijkgericht werd gemaakt d.m.v. van de CAF-principes. Het werd een managementmodel dat de organisatie moet aanzetten tot het streven naar betere resultaten op 9 vlakken. Daarvan zijn de eerste vijf criteria de basisvereisten en de volgende vier velden de resultaatsgebieden. Bij elk criterium horen nog 2 subcriteria.

Verder vormen volgende 4 sectorale kwaliteitsdoelstellingen het kader:

  1. de organisatie wil tewerkstelling in een (aan het individu aangepaste werkomgeving) realiseren, met het oog op duurzame integratie in het arbeidsproces.
  2. De organisatie wil haar doelgroepwerknemers deskundige begeleiding en ontwikkelingskansen bieden.
  3. De organisatie wil haar doelgroepwerknemers een inkomen bieden dat losgekoppeld is van hun individueel rendement binnen hun functie.
  4. De organisatie onderneemt op een duurzame en maatschappelijk verantwoorde wijze.

Kwaliteit in ARCOR

Arcor heeft de 9 criteria en de 18 subcriteria dan ook gebruikt om deze "kwaliteitswijzer" op te stellen die de basis vormt voor het voortdurende groeiproces. Het is immers de bedoeling om de organisatie beter te gaan beheren en daarbij resultaten te boeken. Deze resultaten moeten zich richten op (financiële) prestaties, klanten, medewerkers en samenleving. Bovendien zijn de resultaten het gevolg van leiderschap (management) dat het beleid en de strategie stuurt, medewerkers begeleidt, partnerschappen afsluit en de middelen en processen beheert.

De directie heeft het model samen met bestuur, medewerkers en DSB ontwikkeld na studie van voortgezet management aan de Nederlandse Management Stichting (Nemas) waarbinnen het INK-model (Instituut voor Nederlandse Kwaliteit) werd gedoceerd.

Het model

De kern van het managementmodel wordt gevormd door het werken aan de samenhang en groei op alle aandachtsgebieden van het model.

Wij onderscheiden vijf organisatiegebieden en vier resultaatgebieden en het aandachtsgebied 'verbeteren en vernieuwen'. 

In de organisatiegebieden wordt beschreven hoe de organisatie is ingericht; ook wordt er informatie aangereikt in welke richting de organisatie zich zou kunnen verbeteren. In de resultaatgebieden worden de strategisch relevante maatstaven gekozen en wordt vastgesteld wat feitelijk is gerealiseerd. Het 'tiende aandachtsgebied' is de feedbackloop waarin centraal staat of en in hoeverre de organisatie leert van de ervaringen en behaalde prestaties en naar nieuwe mogelijkheden zoekt om doelen te behalen. 

De kwaliteitswijzer tracht een evenwicht te vinden tussen de sociale en de economische doelstelling binnen de sociale economie. Het implementeren van een kwaliteitssysteem is dan ook de taak van het volledig kader- en omkaderingspersoneel en het management.